Blog

De geboorte

Hoe het begon: de bevalling

13.11.2010 - Door Gudrun Rombaut in: De geboorte.

Lieve Merel,

jij ligt nu te soezen in je wiegje hier in de living, net gewassen en gevoed, en in een warm dekentje gewikkeld. Echt slapen doe je nog niet, je ligt te genieten van de geluiden van je spelende broers.
Vier dagen ben je nu, en ik geniet. Nee, niet van de moeilijke nachten, waarin de krampjes jou wakker houden, en ons ook. Ik geniet van de momenten dat je in mijn armen in slaap valt, of ligt te kijken met die diepblauwe baby-oogjes van jou. Van de momenten dat je aan mijn borst ligt te zuigen, en intussen met je piepkleine vingertjes mijn duim stevig vasthoudt. Of dat ik merk dat mijn lichaamswarmte jou helemaal in slaap wiegt...

Zo moeilijk als de zwangerschap was (daar ga ik jou hier niet mee vervelen, dat moet je maar op mijn eigen blog gaan lezen, als je dat wil weten), zo gemakkelijk was de bevalling. Voor zover het woord 'gemakkelijk' en 'bevalling' in dezelfde zin passen natuurlijk.

Ik was maandagnamiddag nochtans nog langsgeweest bij de gynaecoloog, en die verklaarde dat het woensdag een keizersnee ging zijn, je zat nog veel te hoog, en er waren in de verste verte geen contracties te bespeuren. En toch, en toch... Dat maakte dat ik, toen ik maandagavond rond acht uur plots een vreemd gevoel kreeg (ik herken een gewone wee niet, bij Wolf was het een inleiding, en bij Kobe een keizersnee) niet goed wist wat het was. Zou dat nu een wee zijn? Tiens... Het gevoel kwam na 15 minuten terug, en dan nog eens, en ik belde een vriendin die vroedvrouw is. Die bevestigde dat dat best wel eens weeën zouden kunnen zijn, raadde me aan mijn ma - jouw oma - op te bellen om te komen babysitten, en zelf intussen rustig een badje te nemen. Als die "rare gevoelens" tegen dan nog niet weg waren, kon ik het best richting ziekenhuis vertrekken. Oma werd inderdaad opgetrommeld om hier te blijven slapen (gelukkig is jouw kamer al zover klaar dat het logeerbed netjes opgemaakt was) en papa en ik vertrokken rond kwart voor elf. Ginder bleken het inderdaad weeën te zijn, intussen al om de zes minuten, en was er twee centimeter ontsluiting. Het ging nog wel eventjes duren dus. Rond een uur of twee kreeg ik het lastig: weeën om de drie minuten, en behoorlijk pijnlijk. Ik kreeg een infuus, en de anaesthesist werd uit zijn bed gebeld. Het steken van de epidurale, wat bij jouw broer Kobe een nachtmerrie was, ging als een fluitje van een cent: ik heb er niks van gevoeld, en ze werkte perfect! Ik kon mijn benen nog bewegen, had er een lekker warm gevoel in, en voelde totaal niks van de weeën. Dat was gewoon bizar: ik zag ze passeren op de monitor, zag hoe ze heviger en heviger werden, en ik merkte er niks van! Ik heb zelfs nog rustig geslapen tussen drie en vijf! Je papa had zich intussen onder een dekentje genesteld in de relaxzetel die er stond, en lag diep te slapen. Hij heeft zelfs nooit geweten dat rond vijf uur mijn water brak, de vroedvrouwen alles nog eens controleerden en zo, en vaststelden dat ik al op zes centimeter ontsluiting zat. Ik mocht nog rustig verder slapen, zij konden de monitor volgen in hun bureau, en vertelden me dat ik stilaan persweeën ging beginnen voelen. Ik moest het laten weten wanneer die me het gevoel gaven mee te willen persen. En jawel, die kwamen er stilaan door, en tegen zes uur vond de vroedvrouw dat we er wel eens aan konden beginnen. Dokter Kaan werd ook uit zijn bed gebeld, en ik mocht al beginnen meepersen. Ugh. Echt pijn deed dat eerst niet, het is alleen ongelofelijk lastig en vermoeiend, zeker toen het serieus werd, en ik uit volle kracht mee moest doen. Jij was contrair, zakte wel netjes bij elke pers, maar kroop daarna weer even netjes naar omhoog. En je papa en de dokter maar zeggen dat ik harder moest, en nog harder! Alsof ik daar koffieklets lag te houden of zo! Ik gaf alles wat ik kon, het begon behoorlijk pijn te doen ook, en de vroedvrouw kroop boven op me om mee te duwen op mijn buik. En toen ging het plots rap: ik maakte me kwaad, duwde keihard, en plots voelde ik het: je hoofdje! De rest volgde probleemloos, en mijn kleine sterrenkijkertje lag plots op mijn buik, één en al klein warm lijfje onder een laag smeer. Ik was even de kluts kwijt: daar was je! Je kreeg een dekentje over heen, een mutsje op, en je begon te huilen, muziek in mijn oren. Je greep meteen ook mijn vingers vast met die kleine knuistjes, en ik heb zelfs pas een tijd later gemerkt dat de dokter blijkbaar nog naaiwerk had.
Je was fantastisch, Merel! Een klein perfect mensje, om 6.52 op de wereld gekomen, in de armen van je mama en je papa. Zalig gewoon!

Tien minuten later was je al aan het drinken aan de borst, en ik genoot intens: aan alle pijn en moeite denk je effectief al niet meer, da's allemaal niet meer belangrijk. En je papa, die stond erbij en straalde. Ongelofelijk. Een dochter! Een wondertje!

Maar dat laatste vertel ik je nog wel eens, waarom jij zo'n klein wondertje bent. Ik ga nu namelijk eerst eens kijken hoe zalig je ligt te slapen, naast al het lawaai van je broers.